Links en de neergang van de sociaal-democratie

Links en de neergang van de sociaal-democratie

rozenSociaal-democratische partijen in Europa hebben het moeilijk. De financiële crisis van 2007/2008 heeft deze partijen een harde klap bezorgd. Dat blijkt uit de afnemende electorale steun in Europa, die vanaf 2010 sterk doorzet. Ik heb de electorale steun bij parlementsverkiezingen in de oorspronkelijke 15 EU landen vanaf de jaren 70 van de vorige eeuw tot heden op een rijtje gezet. De gemiddelde electorale steun is met 33 % op zijn hoogtepunt in de jaren 80 en loopt geleidelijk af naar 28% tussen 2000 en 2009. Vanaf 2010 is de electorale steun gedaald tot gemiddeld 24 %.

socdem2

Het meest opvallend is dat de grote sociaal-democratische partijen die in de laatste decennia van de vorige eeuw 40 % of meer van de stemmen haalden in Duitsland, Groot-Brittannië, Zweden, Oostenrijk, Griekenland, Spanje en Portugal grotendeels verschrompeld zijn. Zij zijn met 30 % of meer, – bijna 50% in het geval van Oostenrijk – geslonken vanaf de jaren 70 (de jaren 80 en 90 wat betreft Zuid-Europese landen). Dat is een dramatische neergang. De PvdA hoorde niet bij deze grote partijen, maar haalde op haar hoogtepunt in de jaren tachtig gemiddeld 31 % . Sindsdien heeft de partij bijna 10% van de stemmen verloren, dat wil zeggen eveneens bijna een derde. Niet in alle landen is het beeld zo dramatisch , – de sociaal-democraten in Ierland doen het zelfs goed – maar de algemene trend is duidelijk. Vanaf de jaren 90 is er sprake van een algemene neergang en die zet sterk door vanaf 2010.

Dat wijst er op dat in de ogen van de kiezers de sociaal-democraten geen overtuigend antwoord hebben op de financiëel-economische crisis. Sociaal-democratische partijen hebben er al sinds de jaren tachtig moeite mee om de verzorgingsstaat en de arbeidsmarkt te beschermen tegen de globalisering. De  verliezers van de globalisering voelen zich sinds de financiëel-economische crisis in versterkte mate in de steek gelaten door de sociaal-democratie en zoeken hun heil elders.

Deze kiezers lopen onder meer over naar radicaal linkse partijen.  Vaak hebben radicaal linkse partijen het ‘oude’ sociaal-democratische gedachtengoed overgenomen en weten daarmee kiezers die zich in de steek gelaten voelen aan zich te binden.  Deze partijen hebben dan ook geprofiteerd van de sociaal-democratische neergang en flink gewonnen in reactie op de financiële crisis. Luke March heeft uitgerekend dat over de hele EU zelfs een gemiddelde winst van 30% door deze partijen is geïncasseerd vanaf 2009. ( zie OpenDemocracy/March ) Dat die spectaculaire groei weinig opgemerkt wordt komt ten dele doordat  veel radicaal linkse partijen klein zijn en met 30% winst nog steeds klein blijven.  Alleen in Zuid-Europa, waar de crisis hard heeft toegeslagen, zijn Syriza en Podemos uitzonderingen op deze regel.

Bovendien weten partijen links van de sociaal-democratie die al eerder doorgebroken waren, zoals de Groenen en radicaal socialistische partijen zoals de SP of Die Linke maar matig te profiteren van de financiële crisis. Ondanks het flinke verlies van de sociaal-democratie zijn partijen die een links alternatief bieden (nog?) niet in staat een vuist te maken. De oude glorie van links, met sociaal-democratische partijen die 40% of meer van de stemmen wisten te halen, zullen ze in ieder geval niet snel in ere weten te herstellen.