vrijheidPopulisme en de crisis van de liberale democratie

Er wordt sinds de Brexit en de presidentsverkiezingen in de VS veel gesproken over een crisis van de democratie. De New York Times kopte onlangs dat de seinen op rood staan (29-11-2016). Toch vinden de meeste mensen democratie nog steeds het beste politieke system dat er is. De steun voor democratie is nog steeds groot in westerse landen en zelfs over de hele wereld. Er is ook geen sprake van een duidelijke neerwaartse trend. Als men echter wat verder kijkt naar wat die steun precies inhoudt, dan blijken de opvattingen van de bevolkingen in westerse landen niet bepaald een onwrikbaar fundament te zijn van de liberale democratie. De meeste mensen zijn namelijk wel voor liberale rechten, maar vinden ook dat die niet voor iedereen gelden. Al in de jaren vijftig van de vorige eeuw vond een meerderheid in de Verenigde Staten dat de vrijheid van meningsuiting mooi was, maar niet gold voor communisten. Door de tijd heen lijkt dat een vrij constant verschijnsel.

Er zijn relatief maar weinig mensen die van mening zijn dat liberale rechten, zoals vrijheid van meningsuiting, het recht om te demonstreren of het recht een publiek ambt te bekleden, ook toekomen aan groepen waar men een hekel aan heeft (zie Jacques Thomassen). Er is dus waarschijnlijk al heel lang een beperkt draagvlak voor de liberale democratie. Nieuw is dat deze opvattingen nu een stem krijgen in de politieke arena, waar populistische partijen en politici deze selectieve toepassing van liberale principes tot beginsel verheffen en in wetgeving vast willen leggen. In West-Europa zijn rechts populistische partijen (nog?) niet sterk genoeg om liberale rechten fundamenteel aan te pakken, maar ze doen er wel pogingen toe. Zo verdedigt Wilders te vuur en te zwaard de vrijheid van meningsuiting, maar pleit hij tegelijk voor een verbod op moskeeën, islamitisch onderwijs en de Koran. De Oostenrijkse FPÖ stelde voor om vingerafdrukken te nemen van alle vreemdelingen. De Italiaaanse Lega Nord presenteerde een ‘veiligheidspakket’ dat op onderdelen fundamenteel in strijd was met mensenrechten en door het Europees Hof verworpen werd. De Zwitserse SVP gebruikte volksinitiatieven om religieuze vrijheden te beperken en botste daarmee met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Rechtse populisten verdedigen dus vrijheid te vuur en te zwaard voor ‘het volk’, maar dreigen deze te vernietigen voor immigranten, vluchtelingen, culturele minderheden, moslims en elites die vijanden van ‘het volk’ zouden zijn. Een voedingsbodem voor een dergelijke anti-liberale democratie was er ten dele al, maar nu slagen populisten er in verschillende landen in om inperking van fundamentele rechten voor specifieke groepen op de politieke agenda te zetten. Ook al zijn deze partijen er in West-Europa tot nu toe nauwelijks in geslaagd om de liberale democratie daadwerkelijk in te perken, de seinen staan op oranje.